Het licht

De stoel zakt langzaam achterover en ik voel mij mij niet alleen fysiek maar ook in het drijfzand van mijn gedachten wegzakken terwijl mijn ogen zich langzaam maar zeker beginnen te focussen op het felle licht boven mij. Het zwarte niets van de blinde vlek in mijn rechteroog nodigt mij uit om er in te verdwijnen – een eindeloze put om in te verdrinken. De onvermijdelijke associatieve stroom van donkere gedachten begint terwijl het gezoem van de elektromotoren in mijn oren afzwakt en vervolgens stopt.
Een zachte stem vraagt of ik mijn mond wil openen en ik gehoorzaam als vanzelf terwijl ik mijzelf overgeef aan mijn innerlijke beslommeringen.

Het feit dat ik hier lig is de zoveelste stap van een lange klim die begonnen is in het mullerthal. Mentaal ben ik nooit gestopt met het beklimmen van de uit de rotsen gehouwen stenen trappen die ik daar tegenkwam, als ware ik Orpheus zelve tijdens zijn lange klim uit de hel. Er zaten wel meer mooie parallellen in de mythe van Orpheus en Eurydice, ook ik had de fout gemaakt om op een aantal cruciale punten om te kijken terwijl ik dat niet had moeten doen. En zij? Ach. Zoals ik al eens eerder opgemerkt had: Haar tekortkomingen maakten haar in wezen alleen maar mooier. en zoals Leonard Cohen al zong in ‘Anthem’ :

There is a crack in everything
That’s how the light gets in

De handen vlakbij mijn gezicht roepen de oude, vertrouwde angstgevoelens die nu al meer dan anderhalf decennia bij mij horen weer op en instinctmatig wil ik in elkaar krimpen als ik de adrenaline door mijn lijf voel gieren. Voor mijn geestesoog zie ik weer de vuist komen, gevolgd door een schoen en een ziekmakend geknars. De wereld begint te draaien en even stoppen de handen terwijl de zachte stem vraagt of het wel goed gaat met mij.… Lees gerust door

Verdwijnen

Zout in mijn tranen
Herinnert aan jou
Vertroebelt mijn blik
Op de werkelijkheid

De angst
In controle
Gif in mijn bloed
Vleugellam

Aloude vragen
Waarom ik
Is het mijn schuld
Kan ik niet beter

Verdwijnen?

Zolang er nog mensen aan je denken

“A man is not dead while his name is still spoken.” –
Terry Pratchett – Going Postal

Bovenstaande headers (onzichtbare meta-data) worden met iedere opgevraagde pagina van al mijn servers meegezonden. Niemand die het ooit ziet, tot voor kort. Toen kreeg ik van iemand de vraag waarom er X headers werden mee gezonden. Wel, hierom:

In Terry Pratchett’s Discworld series, the clacks are a series of semaphore towers loosely based on the concept of the telegraph. Invented by an artificer named Robert Dearheart, the towers could send messages “at the speed of light” using standardized codes. Three of these codes are of particular import:

  • G: send the message on
  • N: do not log the message
  • U: turn the message around at the end of the line and send it back again

When Dearheart’s son John died due to an accident while working on a clacks tower, Dearheart inserted John’s name into the overhead of the clacks with a “GNU” in front of it as a way to memorialize his son forever (or for at least as long as the clacks are standing.)

Opvolging (II)

(Een onbedoeld vervolg op deze post van zeven jaar geleden)

Ik kijk mijn vader aan, de vermoeidheid en de pijn in zijn gezicht maken hem nog ouder dan de bijna 80 jaren die hij al achter zich heeft liggen. Even voel ik weer de kille hand om mijn hart heen grijpen als ik denk aan wat de toekomst nog in petto heeft en ik probeer de gedachte tevergeefs van mij af te schudden. “Bedankt voor de tuin” zegt hij en ik knik even. “Kleine moeite pa, ik help je graag. Smaakt het eten een beetje?” Sinds enige maanden is het mijn gewoonte om iedere keer als ik bij Pa op bezoek ga ook even voor hem te koken en wat karweitjes in en rond het huis te doen aangezien hij daar zelf niet meer toe in staat is in zijn huidige toestand. “Niks mis met het eten” zegt hij en kijkt even naast hem. “Wat vind jij $naamvanvriendin?”

Terwijl ik de ogen van zijn nieuwe levenspartner zoek is daar opeens weer die spiegel van jaren geleden, de flits van inzicht.
Er zijn van die momenten waarop het leven het nodig lijkt te vinden om je even in de spiegel te laten kijken. Van die momenten dat je opeens getroffen wordt door die flits van inzicht, momenten waarop je even stil staat. Het moment waarop je de grote rode pijl met het ‘u bevind zich hier’ label eindelijk vind.” schreef ik toentertijd in wat inmiddels een ander leven lijkt. Maar daar zat ik dan weer, aan diezelfde tafel. Ouder, niet perse wijzer. Gelouterd met enkele krasjes extra op hart en ziel – maar nog steeds IK. En er is het overzicht. De plaatsbepaling.. Mijn zoveelste gefaalde relatie, en deze deed echt pijn. Huisdierloos voor het eerst in bijna twintig jaar.… Lees gerust door

Waterkant

Ik zie hem al van ver staan op zijn plek daar aan de rand van wat eens een hofvijver was. Vuisten gebald, ogen gesloten en een gespannen uitdrukking op zijn gezicht. Roerloos, ongenaakbaar als rotsblok. Zijn pure aanwezigheid als een geschreeuwde uitdaging naar boven: “Hier sta ik!” De zon breekt even door en kust zijn gezicht met een verdwaalde lichtstraal maar hij lijkt het niet te merken – of hij negeert het ter faveure van zijn eigen innerlijke bespiegelingen.

Daar zit – besef ik mij terwijl ik achter hem afbuig en mijn eigen pad volg- een diepzinnige metafoor over het leven zelf in verborgen.

Uitbanning

Ik liet mijn adem gaan in een lange, bevrijdende zucht. Klaar. Niet dat ik de illusie had dat het vanaf hier alleen nog maar rozeschijn en manengeur (… ) ging zijn, maar het was klaar. Het zoeken naar excuses, het vergoelijken, de twijfels en mijn innerlijke strijd stopten daar en toen. Hoewel ik mijn eigen rol gespeeld had in het drama van de afgelopen jaren wis ik wel degelijk dat dit niet bij mij hoorde. Dit was allemaal van haar, zij is degene wiens leven beheerst wordt door angsten, dat van mij staat in het teken van zelfreflectie en de hang naar verbetering. Nog één keer keek ik in mijn spiegel en startte de motor. Het grind knarste onder de wielen van mijn auto en de lange reis naar huis en het volgende -waarschijnlijk aangenamere- hoofdstuk van mijn leven begon.

Immunity, long overdue
Contagion, I exhale you
Naive, I opened up to you
Venom in mania
Now, contagion, I exhale you


Terwijl ik mijzelf langzaam maar zeker overgaf aan de meditatieve staat waarin ik zo makkelijk terecht kom als ik achter het stuur van een auto zit dacht ik uiteraard aan haar terwijl de afstand tussen haar en mij iedere seconde groter werd. Aan wat ik achterliet. Nee, ik liet niets achter – ik bevestigde alleen voor mijzelf wat al enige maanden een voldongen feit was. Toen was daar de plotselinge realisatie: ik had wel degelijk dingen achter te laten, dingen die niet bij mij hoorden en die mij alleen maar afremden. Die mij klein hielden zoals deze naïeve relatiepoging van de afgelopen jaren mij ongewild en onbedoeld had klein gehouden. Daar was dan eindelijk het gif realiseerde ik mij. Het gif dat ook weg moest omdat het mij niets positiefs bracht, het verlamde mij alleen.

The deceiver says, he says
“You belong to me
You don’t wanna breathe the light of the others
Fear the light, fear the breath
Fear the others for eternity”
But I hear them now, inhale the clarity
Hear the venom,

The venom in what you say
Inoculated
Bless this immunity

“Adem uit.… Lees gerust door

Groeven

Als ik de bocht om kom zie ik hoe hij liefdevol wat haren achter haar oor strijkt zodat ze niet langer voor haar gezicht hangen, zoals ik dat ook al zo vaak gedaan heb bij vrouwen waar ik om gaf – vaak in tijden van verdriet. Soms als een teken van genegenheid. Beide zijn een jaar of tien, misschien vijftien, ouder dan ik. Zij zit enigszins zijdelings zodat ik haar profiel goed kan zien. Haar gezicht wordt getekend door de groeven van ouderdom en een diep verdriet terwijl ze hem aankijkt en iets tegen hem zegt.

Hij duikt enigszins in elkaar alsof ze hem geslagen heeft en geeft antwoord op verontschuldigende toon, ik kan niet verstaan wat hij zegt door de muziek die via mijn headset mijn oren instroomt.

“All that I’m to do
Calculating steps away from you
My own mitosis


hoor ik terwijl ik een bankje waar twee fietsen naast staan passeer. Het koppel merkt mij niet op, volledig geabsorbeerd door hun eigen gesprek. Een steelse blik opzij leert mij dat beiden inmiddels in stilte naar het water zitten te staren, en weer zie ik die groeven. Het is opmerkelijk hoe verdriet en zorgen hun fysieke sporen weten achter te laten in iemands gezicht bedenk ik mij, ik zie het ook nog bijna dagelijks terug in mijn eigen badkamerspiegel. Snel loop ik door, wil de wat ongemakkelijk aanvoelende scene snel achter mij laten omdat ik mij een indringer voel – een ongewenste toeschouwer bij een Shakesperiaans drama.

Als ik een klein half uur later het bos uit kom zie ik haar weer staan, ze staat aan de straatkant met haar fiets aan de hand naar de rug van haar snel wegfietsende voormalige gesprekspartner te staren. Haar schouders schokken, ze huilt. Dan lijkt de vrouw zichzelf te vermannen, stapt op en fietst een andere richting uit.… Lees gerust door

Water

Met mijn backpack over de grond achter mij aan slepend pers ik mijzelf zijdelings door de nauwe doorgang tussen de rotsen, de weg voor mij alleen verlicht door de lamp die ik op mijn hoofd draag. Damn, voor de verandering had de routebeschrijving eens niet overdreven – dit was een pittig stuk. Ik wil op mijn horloge kijken hoe laat het is maar realiseer mij dat ik ook daarvoor de ruimte niet heb – doorschuifelen is de enige optie die ik nog heb. Na een haakse bocht in het donker waarbij ik mijn hoofd stoot aan een uitstekende rotspunt die ik niet gezien had verschijnen in de verte weer de eerste lichtstralen die wijzen op een uitgang. Geen seconde te vroeg, alles doet inmiddels pijn en ik ben op zijn hoogst – wilde gok- pas op de helft van mijn woeste avontuur.

Wat begon als wat lichte pijntjes in mijn voeten en schouders heeft inmiddels ook al behoorlijke proporties aangenomen en ik overweeg even om nog wat pijnstillers te nemen. Nee, geen goed idee. Mijn wandelavonturen in Zweden hebben mij geleerd om zo laat mogelijk op een dag pas over te gaan op pijnstillers om zo te zorgen dat je er tijdens de avond/nacht ook nog iets aan hebt zonder dat er bizarre doseringen nodig zijn. Voor nu lijken de nauwe doorgangen even verleden tijd, het pad voor mij ziet er redelijk begaanbaar uit met slechts links en rechts een klauterpartij en als vanzelf weten mijn voeten weer het vertrouwde ritme te vinden. 20 Km achter de rug geeft mijn GPS aan, dan ben ik dus inderdaad net over de helft. Als vanzelf glijdt mijn hand naar achteren om een waterfles te pakken en een slok te nemen. Godverdomme wat is het warm – makkelijk dertig graden.

De enige echte fout die ik gemaakt heb in mijn voorbereiding is het meenemen van te weinig water vanuit de foute aanname dat er langs de route wel watertappunten aanwezig zouden zijn – en die zijn er dus niet.… Lees gerust door

Uitdaging

Het zijn de keuzes die we maken die ons daadwerkelijk maken tot wie we zijnmeer dan onze aanleg, afkomst of mogelijkheden

Is één van de zinnen die veel door mijn hoofd spoken de laatste tijd – en niet alleen omdat ik mijzelf jaren te laat door de Harry Potter reeks heen aan het werken ben (voor de niet Potter liefhebbers – het is een variatie op een bekend citaat uit boek/film 2). Het is een wat eloquentere versie van mijn eigen ‘het gaat om wat je doet en laat, niet wat je zegt΅, misschien dat hij daarom zo resoneerde.
In mijn queeste naar zelfverwezenlijking en het opnieuw uitvinden wie ik ook alweer ben (of wil zijn) ben ik in de afgelopen tijd misschien wel net iets te ver van mijzelf verwijderd geraakt, en dus was het wel weer eens tijd voor een mentale én fysieke uitdaging:

Dit is het Müllerthal, een gebied in Luxemburg dat ook wel bekend staat als klein Zwitserland. Een prachtig natuurgebied op een paar uur rijden van $woonplaats, en een uitstekende plaats om mijn hoofd leeg te maken én tegelijkertijd weer eens te onderzoeken hoever ik mijzelf mentaal en fysiek kan pushen. Er lopen verscheidene wandelroutes door het Müllerthal, uiteindelijk heb ik de route met de poëtische “trail 2” benaming gelopen. Even wat cijfers op een rij:
37 km in lengte
775 klimmeters
12,5 kilo (gewicht van mijn backpack zonder water)
24% stijgingshoek (steilste klim)
3,5 kilo aan lichaamsgewicht kwijtgeraakt onderweg (en ik ga echt niet zoeken)
12 uren (totale duur van de hike)
ontelbaar (keren dat ik mijzelf onderweg vervloekt heb)

Onderweg heb ik meer dan genoeg tijd gehad om de keuzes die ik in de afgelopen jaren gemaakt heb nog eens onder de loep te nemen en de balans op te maken van die keuzes.… Lees gerust door

Mama

Het rustgevende geruis van de regen klinkt in mijn oren terwijl ik over het vertrouwde bospad richting de laatste rustplaats van mijn moeder loop. Drie jaar zijn er alweer voorbij gegaan. Drie jaar waarin er veel veranderd is – en tegelijkertijd helemaal niets.

De pijn verzacht, het gemis blijft.

Ik mis je, mama. Meer dan ooit.

Zonder zijwieltjes



Ik laat los en voel mijn hart in mijn maag zakken als je heftig begint te slingeren. “Doortrappen, dan komt de stabiliteit vanzelf!” Roep ik nog naar je brede rug terwijl ik hijgend stop met meerennen. Ik kijk je na en de ironie van de situatie ontgaat mij niet. Vier decennia later zijn de rollen omgekeerd, ik leer jou fietsen in plaats van jij mij.

Vreemd genoeg herinner ik mij nog hoe het was. Hoe ik uiteindelijk snoeihard op mijn snufferd ging omdat ik trots omkeek of jij wel zag dat ik écht alleen fietste, zonder zijwieltjes. “Blijf voor je kijken!” Roep ik nog terwijl je slingerend de hoek om en uit zicht verdwijnt. Ik sjok richting de straathoek en kijk je na. Je revalidatie gaat voorspoedig verzekeren de experts mij, maar ik ben er niet gerust op. Er is iets in je geknakt, ik voel en zie dat iedere dag dat ik bij je ben.

Je bent bang en onzeker, en ik doe mijn uiterste best om je te ondersteunen waar ik kan maar ik vraag mij regelmatig af of dat wel genoeg is. Het zit in de kleine dingen zoals het gemak waarmee je opeens mijn hulp wil aannemen. De manier waarop je soms peinzend voor je uit zit te staren met een lege blik als je denkt dat ik niet kijk. Ondanks onze verschillen gaat mijn hart naar je uit, ik wil je zo graag helpen..

Maar uiteindelijk is leven en revalideren net als leren fietsen: het weglaten van de zijwieltjes vormt de ultieme test.

Jaar

Eigenlijk had ik mijzelf voorgenomen om hier alleen nog maar mijn eigen woorden en foto’s te gebruiken, met links en rechts een strofe van een dichter of tekstschrijver die mij raakt. Vandaag is echter een dag die schreeuwt om stilte, dus los van deze tekst laat ik bij uitzondering mijn held Simon Vinkenoog graag even voor mij spreken. De beelden vertellen hun eigen verhaal, wat ze niet laten zien fluistert over het wit tussen de regels. Misschien zit daar zelfs wel het echte verhaal, wie weet 🙂



Hoe het nu verder moet,
Hoe het zal gaan heten
Hoe het er uit mag zien,
Wat we er van mogen weten
Of de zon ook schijnt,
Of het nu warm is, of koud,
Of het ver is, of hier
Of het waar is, bestaat
Of je er kleuren hoort
Of er klanken ziet
Of het pijn doet, of verdriet –
Het mist je niet
Eenmaal dood
Zal je alles weten


Simon Vinkenoog – Vandaag de dag

Sommige mensen voelen de regen, de rest wordt alleen maar nat

(vrije vertaling van de prachtige quote van Roger Miller)

“Met wie spreek ik?” Klinkt het omfloerst aan de andere kant van de lijn als mijn vader de telefoon doorgeeft. “Met mij mam, je zoon. Met Maurice.” antwoord ik in het dialect en er valt even een stilte. “Dag Maurice, hoe is het eigenlijk met je?”
Die simpele vraag voelt als een vuistslag in mijn maag. Terwijl ik mijn hersenen pijnig op zoek naar een acceptabel antwoord hoor ik mijn vader iets fluisteren waarop mijn moeder een snibbige “Dat weet ik heus wel” als antwoord geeft waarna ze weer tegen mij begint te praten met semi dubbele tong. “Ik hoorde dat je vandaag jarig bent..Maurice was het toch? Dus ik moet je even feliciteren van die vent hier naast mij die beweert je vader te zijn. Gefeliciteerd, hoe oud ben je geworden?”

De tranen stromen inmiddels voluit over mijn wangen maar ik kan en wil een glimlach niet onderdrukken. De kanker en de medicatie hebben veel van mijn moeders persoonlijkheid weggeslagen, maar ze is en blijft een weerbare vrouw – ook al rest er slechts nog een schaduw van de vrouw die ze eens was. Haar geheugenverlies en het volledige gebrek aan remmingen binnen sociale contacten versterken elkaar behoorlijk als het gaat om het creëren van uiterst pijnlijke situaties die tegelijkertijd hilarisch kunnen zijn, maar ik lijk de enige van ons gezin te zijn die het zo ervaart.

Ik bedank mijn moeder met zoveel warmte in mijn stem als ik kan opbrengen en er ontspint zich een wat ongemakkelijk gesprek over mijn dag en wanneer ik eindelijk weer eens op bezoek kom (“ik was er gisterenavond nog mam, ik ben er morgen weer”) waarbij de moed mij steeds meer in de schoenen zinkt. Het beetje bravoure dat ik weer had weten te stimuleren in mijzelf verdwijnt als sneeuw voor de zon terwijl het harde besef inzinkt:

Dit verwarde, pijnlijke en incoherente gesprek zal de laatste verjaardagswens zijn die ik ooit van mijn moeder zal ontvangen.… Lees gerust door

Als je ergens naar toe wil zal je ook iets moeten achterlaten

Haar gezicht heeft iets bekends, maar ik kan de bijpassende naam niet vinden in het archief onder mijn hersenpan. Toch, die ogen..Helaas gebruikt de winkel geen naamkaartjes om mijn brein op weg te helpen, en ik reken mijn aankopen af in de veronderstelling dat dit raadsel mij de rest van de dag zal blijven dwarszitten. De vrouw kijkt mij even recht in mijn ogen aan als ze mij de bon en het wisselgeld overhandigd en ik meen in haar gezicht even dezelfde verwarring te zien die ik voel.
Mijn oog valt op de bon en daar staat het gewoon keurig zwart op wit: Alexandra. Ik draai mij om en kijk haar aan. “Alexandra?” “Maurice?!” We beginnen beide te lachen. “Wauw dat moet we echt ruim dertig jaar geleden zijn of niet?”
Voor mijn geestesoog vallen de jaren van haar gezicht af en in haar lach zie ik even weer het meisje dat bij mij in de klas zat op de basisschool.

De winkel is verder leeg op deze zonnige zomerdag en we raken in gesprek over, hoe verbazingwekkend, vroeger. Over hoe het met wie gaat, en met ons. Alexandra heeft haar hele leven in $geboortedorp gewoond en kent de meeste van onze oud klasgenoten nog die bijna allemaal nog in de regio wonen. Mijn generatie is denk ik de laatste die zo honkvast is gebleven, Limburg loopt inmiddels hard leeg.

Er klinkt iets van een vage spijt door in haar stem -misschien leg ik die er ook wel in- als we op het onderwerp relaties en kinderen uitkomen. Paul heet haar man, drie kinderen. Ze laat de naam van haar man enigszins verontschuldigend klinken en ik blader even door mijn innerlijke kaartenbak. Paul…Aha. Eén van die gasten die het leven op de lagere school vanaf groep 5 voor mij tot een hel hebben weten te maken.… Lees gerust door

Papa

Ik herinner mij hoe je mij op je schouders droeg en het voelde alsof de wereld aan mijn voeten lag
Ik herinner mij hoe ik net zo wilde zijn als jij
Ik herinner mij je grote handen om die van mij
Ik herinner mij de eerste keer fietsen zonder wieltjes en hoe je mij opving
Ik herinner mij zwemlessen en de eerste keer in zee
Ik herinner mij de geur van Old Spice op je wangen
Ik herinner mij hoe je achter het stuur zat richting Frankrijk
Ik herinner mij hoe je stiekem achter mijn doel stond te kijken als ik een belangrijke wedstrijd had
Ik herinner mij hoe je mij in bescherming nam tegen mijzelf toen het nodig was
Ik herinner mij hoe vaak je mij uit de ellende gevist hebt
Ik herinner mij iedere keer dat je je zorgen maakte om mij
Ik herinner mij je hulp en troost toen ik geen uitweg meer zag
Ik herinner mij je advies, of ik dat nu wilde of niet
Ik herinner mij de Kennedymars, en de trotse blik in je ogen
Ik herinner mij late avonden op een Spaans terras
Ik herinner mij hoe mij opving toen ik niets meer had
Ik herinner mij hoe schandelijk je Pepper verwende
Ik herinner mij hoe teder en lief je voor mama was toen het slecht ging
Ik herinner mij dat je eindelijk op mij durfde te leunen toen het nodig was
Ik herinner mij gesprekken over leven en dood
Ik herinner mij alles en zal nooit vergeten.

Ik hou van je Pa.
Fijne Vaderdag.

If I told you that I love you
You’d maybe think there’s something wrong
I’m not a man of too many faces
The mask I wear is one
But those who speak know nothing
And find out to their cost
Like those who curse their luck in too many places
And those who fear are lost

Sting – Shape of my heart



Realisatie

Zoals zo vaak als ik er even doorheen zit vind ik mijzelf terug bij het graf van mijn moeder. Na bijna drie jaar begint het zo langzamerhand op te gaan in de omgeving, iets waar mijn vader moeite mee heeft maar waar ik de schoonheid van inzie. Pa heeft denk ik meer behoefte aan..een Plek. Een markering. Een monument dat zegt “hier ligt Zij. Moeder, echtgenote, mens. Ze liet de wereld een stukje mooier achter dan hij was toen ze hem aantrof”.
Niets van dat alles op de natuurbegraafplaats. Een maaskei (inherent aan de omgeving, de hele provincie ligt vol met die dingen) en een eenvoudig houten bordje gemaakt van een boomstam. En een laatste rustplaats die overwoekert is met planten die daar grotendeels door mij geplant zijn.

Ik ga op de vochtige grond zitten met mijn rug tegen een boom terwijl ik in mijn hoofd een monoloog afsteek tegen mijn moeder. De grondslag van iedere religie is denk ik het geloof dat er altijd iemand is die naar je luistert, ook al krijg je geen antwoord. Vandaag zoek ik ook helemaal geen antwoorden, ik zoek een luisterend oor – en er is niemand bij wie ik terecht kan behalve dan bij mijn moeder.

Het probleem is voor de verandering eens geen vrouw, werk of andere triviale zaken maar mijn vader. Hoewel $zus het wel weer categorisch zal blijven ontkennen totdat het te laat is, is er wel degelijk een een reden om mij zorgen te maken. Pa heeft de dood in de ogen gezien, en hij is bang. Het verlamt hem. Toen ik vanmorgen aan kwam om mijn zorgtaak op mij te nemen schrok ik mij om eerlijk te zijn kapot van hoe hij er uit zag, en met name de blik in zijn ogen. Hij kijkt als iemand die de moed al heeft opgegeven, en dat is vaak de laatste halte.… Lees gerust door

Sproetje

Ik denk opeens weer vaak aan je, misschien omdat het zoveel regent de laatste tijd. De regen was immers van ons. Of misschien waren wij wel juist van de regen.
Stiekem weet ik hoe het met je gaat, je bent gelukkig getrouwd en je hebt twee kinderen. Je bent nog even mooi als toen, nee: het moederschap heeft je mooier gemaakt. Je straalt.

Je bent gestopt met roken, en je hebt een nieuwe baan. Niets dat met je studie te maken heeft, dat vind ik spijtig. Je was zo trots als promovendus.
Je bent nog altijd bij hem, en dat doet mij goed. Toen onze niet-relatie opeens veranderde in een niet-vriendschap was dat dus niet voor niets.

Een deel van mij wil weer eens contact opnemen, ook al is het nu ruim tien jaar later. Om je te laten weten dat ik nog steeds, na al die tijd – als ik de verse regen ruik door mijn openstaande raam.. Aan jou denk. Maar ik ken mijn plek, ik ben een geest uit het verleden en daar hoor ik te blijven. Dat doet geen pijn, dat voelt goed.

Toch denk ik nog vaak aan die eerste oneindige nacht samen. Die nacht dat het regende en stormde en wij de liefde bedreven alsof het de laatste keer zou zijn voor ons beide. En iedere keer opnieuw moet ik glimlachen. Sproetje. Zo noemde ik je. Jij noemde mij Ries. “Rain song” van Led Zeppelin stond de hele nacht op repeat als soundtrack voor een nacht uit duizenden. Zoals ik je toen bezwoer: ik zal altijd aan je blijven denken – als het regent en stormt in de lente.

En inderdaad, ik denk nog steeds aan je. Met een vieze brede grijns op mijn gezicht 🙂

These are the seasons of emotion
And like the wind, they rise and fall
This is the wonder of devotion
I see the torch
We all must hold
This is the mystery of the quotient,
Upon us all,

upon us all a little rain must fall
Just a little rain

Led Zeppelin – Rain Song

Nog lang en gelukkig – III (slot)

I , II

Enige dagen later draai ik mijn volgende rondje door de polder en is het nog steeds niet uit mijn hoofd. Ben jij nog steeds niet uit mijn hoofd. Ironisch, ik ben de ongekroonde koning van het loslaten. Maar het beest in zijn kooi en ..iets anders… maken dat ik dit niet wil of kan laten gaan. Ik voel echter niet meer de behoefte om dat zo nodig bij de ander neer te leggen. Volwassen zijn wil ook zeggen dat je je nederlaag moet accepteren. Zeker, er was een tijd waarin ik de meest idiote dingen deed ‘in naam der liefde’ (hell, het heeft mij zelfs een stukje in de Cosmopolitan opgeleverd!) maar ik heb i ook geleerd dat dit als opdringerig en wanhopig ervaren kan worden (goh, maar verder ben ik echt helemaal niet naïef hoor) en beide wil en ga ik niet zijn.

Wil je mij niet, wil je ons niet? Prima – lieg ik tegen mijzelf. Want dit is alles behalve prima. Het is niet prima dat ik al maandenlang een lijstje heb met vijf vrouwennamen erop (want het zou natúúrlijk een meisje worden als het eindelijk zo ver was) die ik met je wilde delen zodra het goede nieuws mij zou bereiken. Het is niet prima dat ik in mijn hoofd nog steeds met en tegen je praat. Het is ook niet prima dat ik al weken lang een boekje heb klaarliggen dat ik voor je heb laten drukken met daarin ‘ons’ verhaal, voorzien van schattige tekeningen en eindigend met een dikke buik (voor de verandering eens niet de mijne). Het is al helemaal niet prima dat ik je mis. Er is godverdomme helemaal niets prima! En tegelijkertijd, het is wat het is. En dat is -jawel- prima.

Waar er eerder een automatische ‘dan wil ik jou ook niet’ gevolgd zou zijn volgt nu echter een soortement van introspectie die ik eigenlijk niet van mijzelf gewend ben.… Lees gerust door

Reflectie

Mijn ouders zoals ik ze nooit gekend heb. Ik denk de laatste dagen weer veel aan mijn moeder, mede door recente ontwikkelingen rondom de gezondheid van mijn vader.

“Tijd heelt alle wonden” zegt de volkswijsheid, maar dat geldt dus alleen als je niet continu de korstjes er af blijft krabben. Ik zou zo graag nu iets diepzinnigs willen schrijven, iets dat raakt. Een zin, of zelfs een alinea die de kern raakt van alles wat ik nu voel – en vooral wat ik nu niet voel.
Soms, heel soms -als ik in het schemerduister zit te luisteren naar de geluiden van de nacht met een zachte waas voor mijn ogen…Dan wil ik mij meer voelen dan alleen maar een schim die amper te zien is in de reflectie van een mooie foto – hoe mooi en symbolisch dat plaatje verder ook moge zijn.

We zien dezelfde dingen wel,
maar ik heel traag en zij heel snel.
Zij kijkt tegen de toekomst aan,
Ik zie wat is voorbijgegaan.

Willem Wilmink – Echtpaar in de trein

Zorgen

Zorgen.
Verzorgen.
Ontzorgen.
Bezorgen.
Zorgen kan je maken,
Zorgen kan je dragen,
Zorgen kan je dan ook hebben.

Weer in een ziekenhuis, weer die angst bij het zien van kwetsbaarheid. Weer die sterke schouder bieden. Weer die vragen, er zijn altijd vragen. Die zullen er ook altijd blijven.

Er is hoop, voor nu. Die moet ik dan maar koesteren.
Nu rest mij alleen nog de nacht, een nacht alleen in dat huis.
Het huis waar mijn moeder overleed.

Er zijn tranen. Er is eenzaamheid.
En er is alleen een ik.

He talks to the river of lost love and dedication
Silent replies that swirl invitation
Flow dark and troubled to an oily sea
A grim imitation of what is to be

Pink Floyd – Sorrow

Nog lang en gelukkig – II

( I )

Als een verrassing, maar niet onverwacht. Die zinsnede blijft door mijn hoofd spoken, en weer rammelt er iets aan zijn ketting in de verte. Ik ben een sukkel, ik had dit moeten zien aankomen. Langzaam begin ik weer op snelheid te komen en ik zet mijn muziek weer aan. De wind strijkt aangenaam koel langs mijn benen en voorhoofd als ik weer in ‘the zone’ terecht kom, de geestestoestand waarin je terechtkomt bij een langdurige fysieke inspanning en je lichaam het van je overneemt. Ik voel de inspanning niet meer, er als alleen nog de trance. Links,rechts, links, rechts..Mijn benen stuwen de fiets vooruit, mij meeslepend alsof ik alleen nog maar een willoze passagier ben.
Die gedacht wekt een wervelwind aan associaties op. Er passeren wat sleutelscènes uit de afgelopen weken voor mijn geestesoog, scenes die ik achteraf anders ben gaan wegen. Intentie. Perceptie. Twee sleutelbegrippen. Omdat ik weer een kooideur hoor rammelen aan de rand van mijn bewustzijn versnel ik nog meer. En nog meer – totdat ik niet meer sneller kan. 38km/u zegt mijn gps. Ik houd het tempo vast totdat het niet meer gaat en laat mij uitgeput uitrollen.

Het is van belang dat ik mij focus op de dingen waar ik wél verantwoordelijk voor ben, de dingen waar ik wel iets aan had kunnen -moeten?- doen. Zeker, er zijn verwijten genoeg te maken – over en weer. Maar feit is dat die allemaal zinloos zijn. Ze dragen niets bij. Vind ik de huidige situatie terecht? Nee. Gevoelsmatig heb je mij niet alleen mijn partner, maar ook mijn beste vriend én een droom afgenomen waarvan ik niet eens zo heel erg lang geleden niet eens wist dat ik deze had. Dat is waarom het monster weer is gaan razen na al die tijd. Ik ben alles, alles kwijt geraakt.… Lees gerust door

Nog lang en gelukkig – I

Het zweet gutst van mijn gezicht als ik rechtsaf de polder in draai. Een korte blik op mijn smartwatch leert mij dat mijn gemiddelde snelheid van het afgelopen kwartier ruim boven de 20km/u uitkomt en ik grijns even. Nogal een verschil met twee maanden geleden! Maar ja, oefening baart kunst. Tenminste, in de meeste gevallen.

Let there be light
Let there be moon
Let there be stars and let there be you
Let there be monsters, let there be pain
Let us begin to feel again

Devin Townsend – Genesis

Even roert het monster zich weer aan de rand van mijn bewustzijn. Er is altijd die verleiding, het verlangen om de kooi wagenwijd open te gooien en het beest te laten uitrazen. Ik voel de zinderende kracht en schud mijn hoofd. Nee, niet nu. Harder. Ik moet harder trappen. Als vanzelf versnellen mijn benen hun tempo en de wind begint hoorbaar langs mijn oren te suizen boven het geluid van de muziek uit. Het is bevredigend om mijzelf zo uit te putten, iets constructiefs te doen met alle negatieve emoties en gedachtes die door mij heen razen. Het is godverdomme niet eerlijk..Tenminste, corrigeer ik mij zelf: zo voelt het voor mij. Hoe het voor jou voelt? Geen idee, die weg lijk je al weken geleden te hebben afgesloten.

Omleiding.
Verboden in te rijden.
Eenrichtingsverkeer.
Rechtsomkeert maken..

So they say,
You’ll be OK
But words are not enough
Nobody remembered me
The words were not enough,calm yourself down
Don’t you remember when we were young?
Don’t you remember who I am? You’re strong enough!

Devin Townsend – Spirits will collide

De landweg kronkelt zich langs de Eem door het oer-Hollandse polderlandschap, inmiddels heb ik wind tegen en moet ik noodgedwongen mijn tempo verlagen. Ik zuig mijn longen vol met zuurstof en ruik de lente om mij heen.… Lees gerust door

Gesprek

“Ik wil die van jou!” de ogen van mijn moeder -mijn ogen- staren mij glanzend aan terwijl ze naar mijn aardbeimilkshake wijst. “Prima, dan ruilen we.” “Nee, ik wil ze allebei!”

Ik zucht even maar kan een glimlach niet onderdrukken. Van alle sporen die de kanker bij mijn moeder achterlaat is het volstrekte gebrek aan remmingen nog één van de best verteerbare gebleken voor mij. “Gun je mij geen milkshake mam? Ik ben nog wel je lievelingszoon..” “Doe toch niet zo debiel ik heb er maar één!” Ik schuif mijn milkshake naar haar toe. Een passerende serveerster glimlacht even om het tafereel en ik leun even achterover in mijn stoel terwijl ik mijn blik over de vertrouwde haven van mijn geboortedorp laat glijden. Voorzichtig zoek ik naar woorden die het gesprek in de richting kunnen laten gaan waar ik zo graag wil dat het naar toe gaat. Dit zou immers wel eens één van de laatste gesprekken kunnen zijn die ik met haar kan voeren, en ik wil zo graag dat het waarde heeft. Dat ik er een herinnering van kan vormen..
“Wat is eigenlijk je favoriete herinnering aan de tijd dat $zus en ik nog jong waren?” probeer ik voorzichtig. De blik van mijn moeder vertroebelt even. Ze buigt zich voorover, pakt het rietje van de milkshake -mijn milkshake- in haar mond en begint vol overgave en smakkend te zuigen. Tot mijn grote verbazing gaat de beker voor mijn ogen in één keer met een gorgelend geluid leeg waarna ze de beker omruilt voor die van haar en die in een iets rustiger tempo begint leeg te drinken. Halverwege stopt ze en gaat overeind zitten waarna er een boer volgt waar de gemiddelde bouwvakker een diepe buiging voor gemaakt zou hebben. Ik voel een schaterlach opkomen en het duurt niet lang voordat we beide de slappe lach hebben.… Lees gerust door

Alleen in een menigte

De remlichten van mijn voorganger halen mij abrupt uit mijn donkere bespiegelingen over het leven en relaties in het bijzonder. Een zijdelingse blik op de dashboard klok leert mij dat ik nog ruim drie kwartier de tijd heb eer het vliegtuig land en mijn hand vind als vanzelf de volumeknop aan mijn stuur als Richard Ashcroft in mijn oren de woorden weet te vinden waar ik al dagen tevergeefs naar probeer te reiken:

One day maybe I will dance again
One day maybe I will love again
One day maybe we will dance again
You know you’ve gotta
Tie yourself to the mast my friend
And the storm will end

(the Verve – One Day)

Ik ben moe. Doodop. Moe gestreden van iets dat geen strijd maar een spel zou moeten zijn. Jij bent weg, en ik heb geen idee waarom. Dat laatste is niet waar realiseer ik mij terwijl ik netjes stop voor de slagboom en mijn parkeerkaart uit de automaat pak. Het probleem is misschien juist dat ik legio redenen kan verzinnen maar geen idee welke de juiste is. En misschien zijn ze het wel allemaal, of juist geen een. Maakt het uit? Nee, geen ene moer. Na alle plussen en minnen is het alleen het getal onder de streep dat er aan toe doet – en dat getal is blijkbaar negatief. Tenminste, voor jou op z’n minst.
Ik heb niet de illusie dat ik de ideale partner ben, het leven heeft mij gevormd tot een complex iemand met de handleiding van de gemiddelde flight simulator uit de late jaren ’90. Nu ik het midden van de veertig begin te naderen zie ik mijzelf denk ik scherper dan ooit tevoren in al mijn complexiteit, alles wat ik mee- en uitdraag. Uiteraard zijn er nog legio blinde vlekken als het om mijn eigen gedrag gaat, maar ik ben inmiddels gelukkig wel zo ver dat de realisatie in ieder geval uiteindelijk wel een keertje komt bovendrijven.… Lees gerust door

Poesje

De deur zwaait open en ik stop even om te luisteren naar het vertrouwde getrippel van kattenpootjes op het laminaat, en even is het alsof ik ze hoor – maar dan dringt de harde waarheid weer tot mij door. Ik loop door naar de woonkamer en kijk even of je soms in je mandje ligt maar de hoek naast de deur is leeg, evenals je  plekjes naast de bank en onder de tafel. Als ik plaats neem op de bank spitsen mijn oren zich als vanzelf om te luisteren naar je gespin maar er heerst slechts een doodse stilte die alleen wordt onderbroken door het norse gebrom van mijn koelkast. Als ik opsta om mijzelf wat thee te maken valt mijn blik als vanzelf op de plek waar je drinkbakje hoort te staan, maar alles wat rest is een gapende leegte. Dat laatste zit wel een mooie metafoor in bedenk ik mij terwijl ik mijzelf weer op de bank laat ploffen en even met gesloten ogen achterover leun.

Alles wat rest, is een gapende leegte. De wond in mijn hart heeft de hartverscheurende vorm van een kattenpootje.

18 jaar.

18 jaar lang heb ik onafgebroken samengeleefd met vierpotige  huisgenoten, en vandaag is er dan dat pijnlijke besef dat die periode van mijn leven nu voorgoed voorbij is – en veel vroeger dan verwacht. Veel vroeger dan eerlijk is misschien wel, maar dat maakt niet uit.

Want zie je, mijn poesje is dood. En mijn hart huilt.

Dag lieve Selene, onze tijd samen was veel te kort.