Opgesloten

Graffiti van een onbekende artiest, Soesterduinen

We zijn sociale dieren, sommigen van ons meer dan de rest. Al sinds de eerste lockdown (toen premier Rutte en consorten ons als samenleving nog de illusie van een ‘intelligente lockdown’ voorhielden en daarmee blijk gaven van een grove overschatting van het intelligentie-niveau van onze samenleving als geheel) heb ik afwisselend met gevoelens van verbazing, irritatie en hilariteit kunnen observeren hoe verschillend mensen reageren op wat in wezen maar een kleine aanpassing in ons normale (wat dat verder ook moge inhouden) dagelijks leven is.

Ik heb collega’s voor het genadeloze en alles registrerende oog van hun webcam zien verslonzen en afzakken naar een bedenkelijk niveau, onderwijl klagend over relaties die onder zware spanning staan en kinderen die ongenietbaar zijn. Als ik mijn verbazing uitsprak over het feit dat je levenspartner en je eigen kinderen bij uitstek de mensen zouden moeten zijn met wie je het liefst opgesloten wil zitten tijdens een wereldwijde pandemie werd dit over het algemeen afgedaan met een “jij hebt makkelijk praten” gevolgd door een diepe zucht. Ja, ik heb makkelijk praten. Er zijn weken waarin het enige vlees-en-bloed contact dat ik heb met de kassière in de lokale supermarkt is. Volstrekt begrijpelijk dat mijn situatie als ‘makkelijker” gezien wordt door mensen die samen met hun partner en kinderen in één huis wonen, niet?

Maar jazeker, ik heb makkelijk praten. Niet dat ik iemand heb om mee te praten zonder daarmee de mensen om mij heen tekort te willen doen, zij zijn er voor mij zoals ik er voor hen ben (you know who you are), maar dat heeft er eigenlijk helemaal niets mee te maken.

De weemoed dateert van veel verder terug, de jaren tussen mijn zesde en twaalfde, met m’n moeder alleen, ik zie verder terug en voorbij, voorbij het zelfbeklag in het kijken: die gruwzame eenzaamheid, nauwelijks onderbroken door de twee keer drie maanden ‘vakantiekolonie’ die iets van een straf had, in het holst van de winter langs koude stranden, in bossen zonder bladeren aan de bomen, de vervreemding van het kind, dat object tussen objecten is

Simon Vinkenoog, uit “Liefde.
Lees gerust door

Van die dingen

Mensen die geen masker op doen in de supermarkt “omdat ze het het dan maar verplicht moeten stellen¨. Ingehaald worden op de snelweg door iemand die dan voor je invoegt om vervolgens langzamer te gaan rijden dan jij reed waardoor je moet afremmen of inhalen.

Vrouwen die je matchen op Tinder om vervolgens niets te zeggen ondanks de “wie matched begint het gesprek!” in hun profieltekst. Honden die enthousiast recht op je afrennen om op het laatste moment af te buigen en je voorbij te rennen.

Regenbuien die stoppen op het moment dat je je eindelijk in je regenjas hebt weten te wurmen. Een schoen die pas bij de tiende plas gaat lekken. Die ene leuke serie op $streamingdienst die gecancelled wordt als jij net bent gaan kijken.

Dat ene spel op je console waar je maar niet verder komt, wat je ook probeert. Het luisterboek dat een irritante ruis heeft in één oor als je het via je headset wil luisteren. Die once in a lifetime foto die het toch nét niet is.

Dat zijn zo van die dingen die mij laten voelen dat de herfst er weer is – zowel buiten als in mijn hoofd.

Golzugram September

Omdat ik ook wel eens buitenkom maak ik meer foto’s dan ooit tevoren, en het is zonde om ze allemaal in mijn archief te laten zitten. Een aantal kan je ook terugvinden op mijn Instagram. Voel je vrij om ze te gebruiken voor je eigen doeleinden als je zou willen, eventueel kan je de originelen bij mij opvragen door mij te contacten via Instagram of mijn mailadres dat je kan vinden op de “Over dit blog en de auteur” pagina in de zijbalk rechts. Klik voor groot!

Bij de beesten af
Web
I believe I can fl..eh land
Knibbel knabbel knuistje..
Purple haze

Virus-vernis (VI) : Covidioten

“Zonder titel” , een beeld uit 2004 van Herman Makkink, Westerpark – Amsterdam

Als je koolstof -waar ook het menselijk lichaam voor een groot deel uit bestaat- voor langere tijd onder hoge druk plaatst ontstaat er een diamant. Toen in Maart de samenleving gedwongen een pas op de plaats moest maken onder de druk van een pandemie zag ik overal voorbeelden van de veerkracht en de Goedheid van de gemiddelde mens, los van winkelkarren die volgeladen met toiletpapier die over een parkeerplaats wereden gerold waarna de plotseling zeer begerenswaardige lading in de achterbak van een Audi A3 of iets dergelijks verdween dan.

Tijdens de afgelopen maanden heb ik vaak nagedacht over de verhoudingen tussen de menselijke geest en het menselijk lichaam. De menselijke geest zou, als er los van neurotransmitters en neuro-receptoren al sprake zou zijn van een fysieke component, net zo goed uit datzelfde koolstof kunnen bestaan. Wij doen het als soort gewoonweg ontzagwekkend goed als de druk hoog is. Er ontstaan pas problemen als de druk minder wordt, hoewel er dan een prachtige kern is die flonkert en schittert in het licht valt het vieze en incomplete residu van de buitenkant als los zand uit elkaar.

Zeker op “sociale” media is het een kwestie van de gifbeker/smeltkroes leegdrinken eer de diamant op de bodem zich weer laat zien.

Dat zie je nu dus ook terug in onze samenleving. Niet alleen 17 miljoen voetbalcoaches, maar ook 17 miljoen virologen, gedragsdeskundigen en statistici. Gooi nog wat samenzweringstheorien die al honderden -zo niet duizenden- jaren lang de ronde maken in de westerse wereld in die smeltpot en wat je krijgt is een ondrinkbaar mengsel van geschifte melk met een vleugje koolstof – met op de bodem een onzichtbare diamant waarvan naar het formaat slechts gegist kan worden.

Je zal altijd figuren hebben zoals de mensen achter viruswaanzin/waarheid (de eerste naam dekte de lading van dit clubje beter IMHO), die denken dat ze beschikken over meer kennis dan de mensen die er daadwerkelijk decennia lang mee bezig zijn geweest om die kennis te vergaren en nog veel belangrijker: te toetsen.… Lees gerust door

Gereedschap tegen de angst

Ondertitel: waarin de auteur alinea’s lang door ratelt over een album van zijn favoriete band

Adam Jones in de Ziggodome, Juni 2019

Het is inmiddels al weer een jaar geleden dat Tool uit kwam met “Fear Inoculum”, het vijfde studioalbum in 27 jaar tijd. Dat wil zeggen dat ik 18 jaar oud was toen Undertow uitkwam, het album waardoor mijn liefde voor deze band aangewakkerd werd. Iets waar ik in deel II van deze postings vast nog op terug ga komen.

Fear Inoculum valt -mijns inziens- uiteen in drie gelijke delen van 2 nummers ieder die thematisch bij elkaar lijken te horen, iets dat de band in het verleden vaker gedaan heeft (zie bv Parabol/Parabola, Lost Keys/Rosetta Stoned en Intension/Right in two). Los van de segues en de Danny Carey drumsolo/freakout (en hey, als je dan toch één van de beste drummers uit de geschiedenis van de rockmuziek in je band hebt mag je hem best de ruimte geven!) bestaat het album dus uit

Fear Inoculum / Pneuma
Invincible / Descending
Culling Voices / Tempest

Zes nummers die tezamen 75 (!) minuten duren.

Het titelnummer zelf lijkt bijna een exorcisme, van de opening (een gemoduleerde synth die klinkt als een tibetaanse gebedsbel on acid) en de gitaar swells die bijna klinken als een chello tot aan de teksten die hier naadloos op aansluiten:

Immunity / Long overdue
Contagion / I exhale you
Naive / I opened up to you
Venom in mania
Now, contagion / I exhale you

Zoals vaak in zijn teksten is Maynard hier heel erg specifiek en vaag tegelijkertijd zodat het aan de luisteraar is om zijn eigen interpretatie aan de tekst te geven. Het nummer lijkt in ieder geval zoals ik hierboven al schreef bijna een exorcisme te zijn, een uitbanning van boze geesten of negativiteit.… Lees gerust door

Golzugram – Augustus

Omdat ik ook wel eens buitenkom maak ik meer foto’s dan ooit tevoren, en het is zonde om ze allemaal in mijn archief te laten zitten. Een aantal kan je ook terugvinden op mijn Instagram. Voel je vrij om ze te gebruiken voor je eigen doeleinden als je zou willen, eventueel kan je de originelen bij mij opvragen door mij te contacten via Instagram of mijn mailadres dat je kan vinden op de “Over dit blog en de auteur” pagina in de zijbalk rechts. Klik voor groot!

Winneburg, Cochem
Meerfelder Maar, een meer in het midden van een vulkaan krater bij Meerfeld
Poortwachter, ergens in de Duitse Eifel
Not in rivers, but in drops – Maria Martental
Het letterlijke hoogtepunt van mijn hikes: 467m hoog. In de verte de Winneburg uit foto 1. – Greimersburg

Het meisje en de pony

Vermoeid staar ik naar het pannetje water dat op mijn gasbrander staat op te warmen. Campinglife. Ik heb koffie nodig. Heel erg. Een klim van 400 + meter bleek haalbaar maar een uitputtingsslag. Wie zou er ooit gedacht hebben dat bergwandelen toch eigenlijk best zwaar kan zijn?

Er beginnen zich langzaam maar zeker bubbeltjes te vormen op de bodem van het pannetje en ik sprokkel al even wat koffie en een paar suikerklontjes bij elkaar. Nog even. Mijn mijmeringen worden onderbroken door het geluid van hoefgetrappel in de verte. Hoefgetrappel?

Ik kijk omhoog en zie een sprietig meisje van een jaar of zeven over het pad mijn richting uit lopen, haar lange bruine haren in een vlecht. Ze praat voluit tegen de pony die ze naast zich mee sleept aan een touwtje. Het hoefgetrappel dat ik hoorde komt uit een speaker die blijkbaar verborgen zit in de buik van het paardje.

Om de paar meter klinkt er ook een hinnik als het meisje haar metgezel laat steigeren. Ik glimlach terwijl ik het tafereel aanschouw, de pan met water even vergetend. Voor heel even voel ik mij achterwaarts terugglijden naar lang vervlogen tijden toen ik zo oud was als zij nu is en mij ook volledig kon verliezen in mijn eigen fantasiewereld. Een kort moment van spijt dient zich aan als ik mij besef dat die jaren voorgoed vervlogen zijn in het meedogenloze verleden.

Als het meisje recht voor mij loopt is het weer tijd om te steigeren voor de pony, maar ze trekt iets te hard aan het touwtje waardoor het arme diertje omvalt. Ik versta haar niet maar de toon die ze bezigt tegen haar gevallen metgezel duidt op medelijden. Voordat ik het besef sta ik op, ren naar de pony en ga er op mijn knieën naast zitten terwijl ik één van de suikerklontjes die ik al in mijn handen had voorzichtig onder de bek van het paardje leg.… Lees gerust door

Tijd om te gaan

Tijd om te gaan. Om landschappen te verkennen die ik nog niet eerder gezien heb. Om bergen te beklimmen, bossen te doorkruisen en mijn netvlies te verwennen met weidse vergezichten.

Maar eerst is er nog die lange autorit waarbij ongetwijfeld mijn blik af en toe naar de lege bijrijdersstoel zal dwalen, een stoel die wederom of nog steeds niet bezet is afhankelijk van de manier waarop ik er naar kijk. Ruim 5 maanden aan social distancing waren voor mij bijna kinderlijk eenvoudig en kan ik ook probleemloos voortzetten in onze buurlanden maar soms -tijdens urenlange autoritten- knaagt er iets.

Iets dat ik met veel poeha,blabla en een ongekende woordenbrij zou kunnen omschrijven maar waar reeds een prachtig en eenvoudig Nederlands woord voor bestaat:

Een gemis.

Ontdekkingsreis in het verleden

Uren lang verveeld in een bus met slecht werkende airco hangen. Nerveuze leraren die de kudde tevergeefs in bedwang proberen te houden. Een steelse blik op een saai programma, gevolgd door een besluit.

Zwart rijden met de metro. Wandelend langs de Arc de Triomph, Een wierrookstaafje en een steen op het graf van een te jong overleden held. Lachen om straatverkopers die hard wegrenden zodra er een politieagent om de hoek kwam.

Zwoegend de 700 treden van de Eiffeltoren beklimmen, en dan pas de lift vinden. Nog even naar de oude grijze dame na het zoveelste metro avontuur van die dag. Dan het witte marmer van het heilige hart , en een tekening op het nabijgelegen plein.

Uiteindelijk met veel te snel kloppend hart het verlossende zicht van een bus met gele nummerborden. Het verhitte hoofd van ongeruste leraren. En 28 jaar later de realisatie dat ik toch maar weer eens terug wil naar deze prachtige, vieze stad die toch een bepaalde aantrekkingskracht op mij lijkt te hebben.

Golzugram – Juli

Omdat ik ook wel eens buitenkom maak ik meer foto’s dan ooit tevoren, en het is zonde om ze allemaal in mijn archief te laten zitten. Een aantal kan je ook terugvinden op mijn Instagram. Voel je vrij om ze te gebruiken voor je eigen doeleinden als je zou willen, eventueel kan je de originelen bij mij opvragen door mij te contacten via Instagram of mijn mailadres dat je kan vinden op de “Over dit blog en de auteur” pagina in de zijbalk rechts. Klik voor groot!

In a barrel just above the ground there lived a human (Etternach, Luxemburg)
De slang nu was de listigste onder alle dieren van het veld.. ( Etternach, Luxemburg)
“Gorges du loup” ( Perecop, Luxemburg)
Hedwig, een lichtend baken in de duisternis (Etternach, Luxemburg)
Wat was versus wat is (Baarn, NL)

Aarde

(water : deel II)

Zodra ik de bocht om kom herken ik de smalle rotsspleet meteen, gooi in een soepele beweging mijn rugzak van mijn rug en grijp naar mijn hoofdlamp. Vorig jaar ging het op dit stuk fysiek al niet al te goed meer maar ik voel mij nog verbazingwekkend fit – zeker als ik naar het groepje wandelaars kijk dat naast de nauwe doorgang met rode hoofden staat uit te puffen. Met mijn rugzak achter mij aan slepend wurm ik mijzelf de doorgang in, knip mijn lamp aan en zie na de haakse bocht in de verte al meteen het uitsteeksel dat mij een jaar eerder letterlijk kopzorgen had bezorgd.

Terwijl ik de lichtstralen in de verte verwelkom doe ik als vanzelf de zoveelste snelle check op pijntjes en ongemakken – niets. Na ruim vier uur lopen onder behoorlijk pittige omstandigheden begint de vermoeidheid zich wel aan te dienen maar vooralsnog is alles prima onder controle. Mijn gedachten dwalen af als ik het zonlicht in stap, mijn lamp weer opberg en de rugzak weer op mijn rug laat glijden. Snel neem ik nog wat slokjes middels de slang van de waterzak en begin weer te lopen in mijn vaste tempo. Voorbereiding is niet de helft van het werk, het is bijna alles. Het maakt een wereld van verschil.

Er is zoveel veranderd ten opzichte van een jaar eerder, en toch ook tegelijkertijd bijna niets. Ja, ik ben fitter – maar dat is niet meer dan een symptoom. Terwijl mijn voeten meter na meter aan bospaden en berghellingen verslijten kan ik ook niets anders dan denken aan haar. Zij die wegging, nu iets meer dan een jaar geleden. Ik haal mijn schouders op. Niet alleen mijn verlies, ook het hare. Snel voer ik mijn subtiel ingezakte tempo weer op en voel hoe mijn hartslag stabiliseert.… Lees gerust door

De verleidelijke lokroep van de leegte

Ik stap op de overhangende rotspunt en kijk omlaag, en even is daar de ‘call of the void‘ aan de rand van mijn bewustzijn. “Spring” fluistert ze. Een niet te onderdrukken glimlach vind mijn mond. Nee, ik ben niet suïcidaal. Al decennia niet meer. Toch heeft deze verleidelijke lokroep van de leegte mij jarenlang doen twijfelen aan mijn mentale gezondheid, totdat ik ontdekte dat dit een relatief vaak voorkomend iets is dat zelfs een wetenschappelijke naam heeft : high place phenomenon. Tot aan één derde van alle -gezonde- mensen heeft ervaring met de gedachte om te springen als ze op grote hoogte aan de rand van een afgrond staan.

De film van alle gebeurtenissen in het afgelopen jaar -sinds de vorige keer dat ik hier stond- trekt aan mijn geestesoog voorbij en ik realiseer mij hoe ver ik gekomen ben op een jaar tijd. Hoeveel evenwichtiger, energieker en gelukkiger (“tevredener” fluistert een bekende stem in mijn oor) ik mij voel. Uiteraard is er ook een gemis, er zal immers áltijd een gemis zijn. Dat gemis is ook een belangrijk deel van de brandstof die ik gebruik om mijzelf te pushen.

Ik push mijzelf als schrijver, als professional, als mens. door weer te durven falen zonder mij te laten verlammen door mijn soms kinderlijke angsten. Het afgelopen jaar stond in het teken van mijzelf weer te leren dat falen noodzakelijk is, de eenvoudige erkenning dat er geen groei mogelijk is zonder weerstand en obstakels onderweg. En hier sta ik dus weer, een jaar later – precies op de dag waar ik nooit over wil praten en geen aandacht aan wil besteden. Mijn blik glijdt over de wereld die aan mijn voeten ligt terwijl ergens in de verte de echo van de schaterlach van een kind door het dal weerkaatst.… Lees gerust door

Mama

Vier.


Vier keer is de aarde inmiddels rond de zon gezwiept in de oneindige dans van twee hemellichamen om een centraal maar onzichtbaar zwaartekrachtpunt. Vier rondjes sinds ik je voorgoed kwijtraakte. Soms voelt het alsof ik de enige ben die je nog écht lijkt te missen, en ik weet hoe egocentrisch en gespeend van enige zelfreflectie die gedachte eigenlijk is.

Iedereen heeft het recht om op zijn of haar eigen manier het verdriet te dragen, om een manier te vinden om met de intense pijn van het Grote Gemis, de prijs die je moet betalen om lief te hebben om te kunnen gaan. Mijn vader zocht voornamelijk een weg uit de eenzaamheid en heeft die gevonden in het gezelschap van een andere vrouw, ook al slapen ze in verschillende kamers. Zus-lief verliest zichzelf in haar baan, haar sporten, haar hobby’s en er zijn momenten dat ik bijna kan geloven in haar zelfopgelegde nieuw hervonden positieve levenshouding.

En ik? Ik kijk naar binnen en observeer. Probeer om het verdriet te doorvoelen en te doorleven zonder mijzelf te laten wegspoelen in een woeste rivier van zelfmedelijden en pathos. Door de verstilling zijn werk te laten doen en de ruimte te bieden aan al wat ik voel zonder mijzelf er door te laten overheersen. Ik wil mijn verdriet gebruiken om intenser in het leven te staan, om niet te verstarren of te verzuren maar om juist milder te worden. Zodat het verdriet niet meer voor een dambreuk zorgt waarbij het water met een verwoestende kracht zijn weg baant en alles in een nietsontziende stroom wegspoelt – maar het als een kabbelende rivier langzaam alle scherpe randjes van mijn psyche weet te eroderen totdat er een meanderende stroom overblijft.

Het blijft vreemd, een emotionele herfststorm midden in de zomer.

Ik mis je.

Verjaring

You need to spend time crawling alone through shadows to truly appreciate what it is to stand in the sun.”― Shaun Hick

Mijn excuses voor het hoge “I’m fourteen and this is deep” gehalte van bovenstaande citaat, maar het is ook gewoon waar.

Nu ik formeel wel de leeftijd heb bereikt waarop het besef dat er meer dagen achter mij liggen dan er nog te gaan zijn onvermijdelijk is geworden voel ik mij vreemd genoeg beter dan ooit – hoewel uiteraard niets te vergelijken is met het gevoel dat je hebt als je een jaar of 18 bent en de hele wereld nog aan je voeten ligt.

Daarom dit jaar voor het eerst maar eens op herkansing in het Mullerthal, mijn persoonlijke lakmoesproef voor waar ik sta – mentaal en fysiek. Ik hoop dat er nog veel jaarlijkse wandelingen in die prachtige omgeving mogen volgen.

Golzugram – Juni

Omdat ik tegenwoordig ook wel eens buitenkom maak ik meer foto’s dan ooit tevoren, en het is zonde om ze allemaal in mijn archief te laten zitten. Een aantal kan je ook terugvinden op mijn Instagram. Voel je vrij om ze te gebruiken voor je eigen doeleinden als je zou willen, eventueel kan je de originelen bij mij opvragen door mij te contacten via Instagram of mijn mailadres dat je kan vinden op de “Over dit blog en de auteur” pagina in de zijbalk rechts. Klik voor groot!

Fallout – Amerongen (Utrechtse heuvelrug)
Dating in tijden van social distancing – Elst (Utrechtse heuvelrug)
Fields of Joy, Lage Vuursche
<3 Utrechtse heuvelrug
Baarnsche bos, Baarn

Zwarte levens doén er aan toe

Nee boze, blanke man – niemand verwacht van jou dat je persoonlijk je excuses aan gaat bieden voor het leed, de onderdrukking en de uitbuiting die je voorouders honderden jaren geleden hebben laten neerdalen over wat zij toen als een inferieure groep mensen zagen. De protesten die in de afgelopen weken als een lopen vuurtje (of een wereldwijde pandemie zoals je wil..) de wereld rondgingen gaan over het systematisch en structureel onderdrukken van mensen op basis van hun etniciteit in het hier en nu.

Respectvol luisteren, en de dialoog aangaan op basis van een onvoorwaardelijke gelijkheid – is dat nog steeds te veel gevraagd in 2020? Als een steeds grotere groep van mensen aangeeft een probleem te hebben met de huidige invulling wat volgens de steeds bozer wordende blanke mannen “niets meer dan een onschuldig kinderfeest is” – is het dan kies om op racistische en denigrerende uitspraken richting de klagers terug te vallen, waarmee je in je woede precies dat doet wat zij aan de kaak proberen te stellen?

Black lives matter is niet uit de lucht komen vallen, net zo min als de me-too beweging.

Luisteren. Niet reageren op basis van emotie, maar op basis van verstand. De dialoog aangaan en je verplaatsen in de ander. Is zelfs dat al te veel gevraagd?

Ik praat vandalisme niet goed, ik praat de volstrekt verkeerd gelopen demonstratie in Amsterdam niet goed. Maar ik erken wel de pijn en de frustratie. Al decennia lang proberen donkere mensen en mensen met een andere etniciteit in het algemeen dit pijnlijke onderwerp op de agenda te krijgen, meestal tevergeefs. Laten we beginnen met te luisteren zonder oordeel, zonder ons te verdedigen tegen een niet bestaande aanval. Laat ik vooral de mensen waar het om gaat in dit geval zélf aan het woord laten, een korte bloemlezing:

Gerda Havertong in 1987 (!)Lees gerust door

Virus-vernis (V)

Na drie maanden in de ruststand te hebben gestaan begint de maatschappij langzaam maar zeker weer te ontwaken. Van mij had het niet persé gehoeven, ik vond de wereld van de afgelopen maanden eigenlijk mooier dan die ervoor. Daarmee wil ik het verdriet, de angst en de eenzaamheid van sommige mensen -vooral de ouderen en kwetsbare leden van onze samenleving- niet bagatelliseren. Dat verdriet was en is groot en onmiskenbaar.

Nu de wereld ontwaakt en de angst voor nu grotendeels gesust lijkt te zijn steekt ook het veelkoppige monster van ongenoegen zijn kop weer boven het moeras uit. Onvrede over de maatregelen die onze regering genomen heeft. Eerst was het niet goed dat de economie boven de volksgezondheid geplaatst werd en was er de schreeuw om een “complete lockdown” , moesten “alle scholen dicht” en vooral “grenzen dicht” . Je hoefde niet eens na te denken over uit welke hoek deze achterhaalde retoriek kwam – dat was al duidelijk. Ironisch genoeg zijn het dezelfde mensen en politieke stromannen die nu het hardste schreeuwen dat onze regering “het land kapot maakt” en “totaal overdreven maatregelen in stand houdt”.

Aan de andere kant van het politieke spectrum is er ook genoeg onrust. Zwarte levens doen er aan toe, lieten 5000 man op de Dam zien. De ironie van die situatie kan niet alleen mij zijn opgevallen hoewel de beweging mijn volledige steun en sympathie heeft kan ik mij toch niet aan de indruk onttrekken dat “verbeter de wereld, begin bij jezelf” ook wel een ding is en dat 1,5m afstand houden een prachtig instrument is om zelf bij te dragen aan de BLM beweging.

En zo sukkelt de wereld slaapdronken krampachtig verder in de richting waarin zij al jaren wankelt. Ik doe er niet aan mee, na bijna vier maanden thuiswerken heb ik in ieder geval afgedwongen dat ik -mits we in september weer normaal functioneren als bedrijf- minstens drie thuiswerkdagen per week mag aanhouden wat mij effectief zeeën aan extra vrije tijd bied.… Lees gerust door

Golzugram – Mei

Omdat ik tegenwoordig wel eens buitenkom (zie de vorige post) maak ik meer foto’s dan ooit tevoren, en het is zonde om ze allemaal in mijn archief te laten zitten. Een aantal kan je ook terugvinden op mijn Instagram. Voel je vrij om ze te gebruiken voor je eigen doeleinden als je zou willen, eventueel kan je de originelen bij mij opvragen door mij te contacten via Instagram of mijn mailadres dat je kan vinden op de “Over dit blog en de auteur” pagina in de zijbalk rechts.

Mijn eerste overzicht is dat van mijn hikes in Mei:

Schotse hooglander, Posbank (Veluwe)
Boom die zich niet gewonnen wil geven, Posbank (Veluwe)
Biesbosch
Maartensdijk
Satan, Hilversum
De hand van God, Lage Vuursche

Verspellerisering

Iets meer dan een jaar geleden nam ik een bewuste beslissing: het zou anders gaan. Ik ging de regie terugnemen over mijn leven, mijn gezondheid, alle aspecten die van invloed waren en zijn op mijn persoonlijke welbevinden. Maar zoals iedereen die dit leest zich waarschijnlijk wel beseft: de voornemens zijn het makkelijke deel. Het realiseren van je voornemens, het omzetten van pure intentie naar concrete acties en je daaraan committeren vormen de daadwerkelijke uitdaging.

Ik heb echter -als ik het echt op mijn heupen krijg- een aantal voordelen ten opzichte van de meeste mensen, ik ben A/ een stijfkop B/ik leer snel C/ een nerd.
Voor het doel dat ik voor ogen had was een stevige overhaul van mijn dagelijkse leven wel degelijk een vereiste, gelukkig trof ik al snel twee stukken gereedschap die mij onwijs geholpen hebben tijdens de reis die ik in het afgelopen jaar gemaakt heb.

Het eerste stuk gereedschap is de bullet journal methodiek. Op het eerste gezicht de zoveelste “doe dit en het zal JE LEVEN VERANDEREN!!!!” bullshit zelfhulp methode, maar ik ontdekte al snel een fundamenteel verschil: Er is geen zweverige onzin bij betrokken en de methodiek is er op gebaseerd dat je hem volledig naar je eigen hand zet .
De methodiek die ik voor mijzelf ontwikkelde was doelgericht, ik identificeerde voor mijzelf eerst de drie delen in mijn leven waar ik graag progressie in wilde boeken. Dat waren -in willekeurige volgorde- : mijn creatieve output, mijn werk, en mijn gezondheid. Ik stelde mijzelf daarom voor ieder onderdeel een lange termijn doel (‘schrijf een boek’, ‘ontwikkel jezelf naar een hoger niveau als professional’ en ‘fix jezelf’).

Wat ik meenam uit de bullet journal methode is het volgende: In principe zou het grootste deel van je tijd op moeten gaan aan het vervullend van jezelf opgelegde doelen, dus zoveel mogelijk acties en energie (en dan doel ik niet op zweverige onzin) stoppen in de zaken die je wil bereiken.… Lees gerust door

Even stil

Tijdens de Nationale Herdenking op 4 mei herdenken wij allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties.

Bijna iedere familie heeft wel één of meerde verhalen die handelen over de tijd vlak voor, tijdens en vlak na de tweede wereldoorlog. Verhalen over geweld, moed, honger en lijden. Ik zou er graag een andersoortig verhaal aan toe willen voegen.

Mijn vader is opgegroeid in een boerengat in Limburg, Montfort. Het dorp had de pech om op een strategische locatie te liggen, te weten nabij de Duitse grens en bij een belangrijk knooppunt van wegen. Tussen januari en maart 1945 lag er een frontlinie dwars door het dorp heen, het is verschillende keren gebombardeerd door zowel de Duitsers als de geallieerden. Van de 1700 inwoners zijn er meer dan 186 gesneuveld aan die bombardementen en van het historische centrum bleef niets over.

Bovenstaande is echter alleen context. Het verhaal dat ik wil vertellen gaat over een boerengezin met in totaal 4 kinderen, te weten Johannes (mijn vader), Ben, John en Zus. In 1940 werden er een drietal leden van de Wehrmacht (het reguliere leger van de Duitse bezetter dat grotendeels bestond uit dienstplichtigen) in de boerderij van dit boerengezin ingekwartierd. Helaas weet ik slechts van één van deze soldaten zijn naam, Heinrich.
De voornaamste taak die de soldaten toebedeeld werd was het in de gaten houden van de lokale bevolking en er zorg voor dragen dat alle bruikbare zaken (voedsel, levende have, brandstof) in beslag genomen werd zodat de Duitsers dit konden gebruiken.

Heinrich en zijn makkers hadden echter -zo gaat het verhaal van mijn vader- niet zo veel trek in al dat gedoe. Ze waren zelf opgegroeid op een boerderij niet heel ver naar het oosten en ze vonden dat de bevolking van Montfort ze niets misdaan had, waardoor hun sympathie uitging naar de mensen om hen heen die ook niet gevraagd hadden om deze bezettingsmacht.… Lees gerust door

Virus-vernis (IV)

Ik loop zoals ieder weekend door het bos. Mijmerend. Om mij heen fluiten de vogels en regelmatig word ik een stukje vergezeld door één of meerdere vlinders. Met een diepe adem teug vul ik mijn longen met schone lucht, ergens in de verte schreeuwt een kind het uit van plezier.

Voor mij duikt plots een hert uit het struikgewas, we schrikken van elkaar en blijven beide stokstijf staan. Even nemen we elkaar op, dan draait ze zich om en sprint weer terug richting de dichtere begroeiing. Een kortstondig maar hevige gelukzaligheid verspreid zich vanuit mijn maag door mijn hele lichaam.

De wereld glijdt weer terug in haar ruststand, geen vliegtuigen, geen verkeer, amper mensen. Misschien is het wel beter, zo.

Virus-vernis (III)

Ik realiseer mij plots dat de angst voor de dood ergens in de afgelopen dagen in je stem is geslopen. Waar eerst voornamelijk bagatellisering en ontkenning de boventoon voerden is er nu de ruimte voor twijfel en het onvermijdelijke besef van de nieuwe realiteit waarin we leven. Juist op het moment dat de levende natuur explodeert met nieuw leven waart de dood door ons land en ben ook jij veroordeeld tot een leven in de marge. Je klaagt en je sputtert tegen maar schikt je in je lot.

We worstelen tijdens onze dagelijkse telefoontjes met de veranderende verhouding tussen ons twee. Er is liefde en respect hoewel we regelmatig botsen omdat we nu eenmaal conflicterende levenshoudingen hebben en fundamenteel anders naar de wereld om ons heen kijken. Ik schaam mij er bijna voor dat ik je soms even bewust uit je tent lok zodat je even stoom kan afblazen maar realiseer mij tegelijkertijd dat het goed is dat je je angsten en frustraties bij mij kwijt kan.

Ik ben immers los van de Alpha hulp de enige die je nog dagelijks spreekt.

Virus-vernis (II)

Voor een raam met de bloemen die geen water nodig hebben
Zit iedere dag een oude vrouw met lege ogen op een bankje
Haar blik gaat op en neer tussen haar horloge en de horizon

Ze lijkt niet te begrijpen waarom de toch al zo kleine wereld waarin zij leeft
Opeens verstilde en verschrompelde totdat er alleen nog maar
Een cocoon van verstikkende eenzaamheid voor haar overbleef

Vanmorgen zat ze er plots niet meer.

Virus-vernis

Liefde is het wonder van de beschaving” (L’amour est le miracle de la civilisation)
~ Stendhal, “De l’amour

Ik heb mij vaker afgevraagd wat er zou gebeuren als je het dunne laagje van vernis dat wij “beschaving” noemen weg zou krabben om te zien wat er onder zit. Hoewel ik een positief ingesteld mens ben dacht ik toch eigenlijk stiekem wel dat er onder het laagje vernis voornamelijk roest tevoorschijn zou komen, de tekenen van een gemankeerde mensheid die solipsisme tot een kunst verheven heeft.

Ik was echter ook vergeten dat de manier waarop je naar de wereld kijkt bepalend is voor wat je ziet, zowel op menselijk als op maatschappelijk niveau. In de afgelopen paar weken heb ik zoveel ontroerende, mooie en fijne dingen gezien dat ik ze bijna niet onder woorden kan brengen, en hoewel ik altijd mijn geloof in de mensheid behouden heb is dat geloof in de afgelopen maand alleen maar gegroeid. Spontane zanguitvoeringen op de stoep van bejaardentehuizen. Een route met krijttekeningen vol met hartjes en positieve kreten om je een hart onder de riem te steken. Tientallen beren voor ramen van arm en rijk, jong en oud. Mensen die je alle ruimte geven waar dat nodig of wenselijk is. Wildvreemden die spontaan kaartjes bij elkaar in de brievenbus stoppen om te vragen of het goed gaat. Gezinnen die samen aan het buitensporten slaan. Overal papiertjes op deuren, prullenbakken en bij winkels met telefoonnummers en de dringende vraag om even te bellen als je hulp nodig hebt. Artiesten over de hele wereld die het op zich nemen om hun creativiteit geheel belangeloos te delen met iedereen die het maar wil horen of zien..

Het gaat raar klinken, maar ik ben hoopvol gestemd door wat ik om mij heen zie gebeuren. Heel Nederland voelt aan alsof het de dag na het grootste festival aller tijden is en we allemaal nog even een rondje over de festivalcamping aan het dwalen zijn voordat we weer naar huis kunnen om over te gaan tot de orde van de dag.… Lees gerust door

Gemiste connectie

In gedachten verzonken loop ik over het bospad, als mijn blik even omhoog dwaalt zie ik pots een dansende bos krullen die aan een vrouw van een jaar of tien jonger dan mij toebehoren. Omdat ik naar het midden van het pad ben afgedwaald schuif ik op naar rechts om haar de ruimte te bieden en te voorkomen dat ze zich ongemakkelijk zou gaan voelen hier in het niemandsland op een paar kilometer van de bewoonde wereld.

Als mijn ogen haar gezicht vinden word ik even getroffen door haar open en vriendelijke blik die alleen maar versterkt lijkt te worden door haar stralende glimlach. We groeten elkaar terwijl we elkaar even recht in de ogen aankijken, en even is het alsof ze haar pas vertraagd. Ik open mijn mond, wil nog wat zeggen – maar er komt niets. Dus loop ik na een vriendelijke knik maar gewoon door terwijl de gedachtestroom door mijn hoofd maalt.

Doe iets. Zeg iets. Er is een connectie. Een ding.

We deelden een moment, zij en ik. Maar ik kan de moed en de woorden niet vinden, en dus is het enige geluid afkomstig van de fluitende vogels in het bos. ik weet onmiddellijk dat dit moment er één gaat zijn van spijt..

Een meter of vijftig later kijk ik nog even steels over mijn schouder, ietwat weemoedig. Zij deed blijkbaar hetzelfde, onze ogen ontmoeten elkaar nogmaals. We zwaaien.

En lopen door.